Herman Niklas Grim (1641–1711) was een Zweedse arts en natuuronderzoeker in dienst van de Vereenigde Oostindische Compagnie. Hij diende enkele jaren op Ceylon, het huidige Sri Lanka. Ook maakte hij een aantal studiereizen in andere delen van Azië en het zuiden van Afrika.
Grim schreef in 1677 Laboratorium chymicum : gehouden op het voortreffelycke Eylandt Ceylon. In dit werk beschreef hij inheemse planten en dieren van het eiland en hun medische toepassingen., Laboratorium chymicum : gehouden op het voortreffelycke Eylandt Ceylon (1677, Batavia). Gearchiveerd op 12 juni 2018.
In 1683 gaf hij de eerste uitvoerige beschrijving van Nepenthes distillatoria, een vleesetende bekerplant die endemisch is op Sri Lanka. Grim was de eerste die ontdekte dat Nepenthes-planten hun vangbekers met zelfgeproduceerde vloeistof vullen. Hij noemde de plant daarom Planta mirabilis destillatoria, oftewel 'wonderlijke destillerende plant'., Over het geslacht Nepenthes, p. 2 in: , Verhandelingen over de Natuurlijke Geschiedenis der Nederlandsche overzeesche bezittingen; Kruidkunde (Luchtmans, 1842). Gearchiveerd op 12 juni 2018.
In 1686 beschreef Grimm voor het eerst de gewone duiker. Carl Linnaeus gaf in 1758 het dier de naam Sylvicapra grimmia.
Categorie:Zweeds bioloog